written by
Inge Braem

Wetsontwerp correctiefactor op bedrag vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing

Sociaal Secretariaat 1 min

Op 23 februari 2026 werd een wetsontwerp ingediend in de Kamer omtrent de vrijstellingen van doorstorting van bedrijfsvoorheffing.

Om de budgettaire houdbaarheid van deze stelsels te vrijwaren, heeft de regering beslist om een algemene matiging van de verschillende vrijstellingsstelsels door te voeren onder de vorm van een correctiefactor vanaf 1 januari 2027.

De berekeningswijze van de vrijstellingen op zich wijzigt niet. Dezelfde voorwaarden en berekeningsbasis blijven aldus van toepassing. Het bedrag van de bedrijfsvoorheffing dat niet moet worden doorgestort aan de Schatkist (dus het bedrag aan vrijstelling) moet op het moment van de aangifte vermenigvuldigd worden met een correctiefactor. Dit zorgt ervoor dat het vrijstellingsbedrag lager zal zijn en er dus meer bedrijfsvoorheffing zal moeten worden doorgestort.

De correctiefactor bedraagt:

  • 97% voor bezoldigingen betaald of toegekend tussen 1 januari 2027 en 31 december 2027;
  • 93,35% voor bezoldigingen betaald of toegekend tussen 1 januari 2028 en 31 december 2028;
  • 95,9% voor bezoldigingen betaald en toegekend vanaf 1 januari 2029.

De correctiefactoren kunnen nog aangepast worden door de overheid bij KB indien de vooropgestelde doelstelling, met name het neutraliseren van de inflatie en de daaruit voortvloeiende indexatie van de lonen op de totale kostprijs van de vrijstellingen, niet wordt behaald.

Het betreft een wetsontwerp, waardoor er nog wijzigingen kunnen worden doorgevoerd. De regeling is pas definitief na publicatie in het Belgisch Staatsblad.

Bron: Ontwerp van programmawet, Kamer 56/1378, www.dekamer.be.

bedrijfsvoorheffing correctiefactor fiscale wetgeving loonkost programmawet